Als u problemen ervaart met het houvast van uw gebitsprothese in de bovenkaak, als het dragen ervan pijn doet of als de kunststof plaat tegen uw gehemelte u misselijk maakt kunnen tandwortelimplantaten een oplossing zijn. Waarvoor dienen implantaten eigenlijk en hoe gaat een behandeling met implantaten in zijn werk?

 

 

Wat is een implantaat?

Implantaten zijn metalen kunstwortels, vaak van titanium, die vastzitten in het kaakbot. Zij hebben een cilinder of schroefvorm en kunnen varieren in lengte en dikte. Implantaten worden inmiddels al 30 jaar toegepast. Mist u alle tanden en kiezen en draag u een kunstgebit, dan is het niet nodig om alle tanden en kiezen te vervangen door tandwortelimplantaten. In de bovenkaak kun je op 4 of 6 implantaten een klik-mechanisme maken, waarop je het kunstgebit kunt vastklikken Hierdoor zit het bovengebit stevig vast. U kunt het er dan wel uithalen om het goed schoon te maken (minimaal twee keer per dag).

In de bovenkaak wordt voor meer implantaten gekozen dan in de onderkaak. Dit komt omdat het bot in de bovenkaak van mindere kwaliteit is dan in de onderkaak. Door meer implantaten te plaatsen worden de kauwkrachten over een groter aantal implantaten verdeeld. Daardoor kan de bovenprothese ook zonder gehemeltebedekking worden uitgevoerd.

Soms is een uitneembare prothese niet mogelijk of door de patient niet gewenst. In die uitzonderlijke gevallen wordt voor een voorziening gekozen die door de patient niet kan worden uitgenomen. Een dergelijke voorziening is kostbaar, komt niet voor vergoeding door de zorgverzekeraar in aanmerking en heeft vaak esthetische beperkingen (en zal daardoor niet altijd mogelijk zijn).

 

Voor wie zijn tandwortelimplantaten bedoeld?

Met name mensen die al lang een kunstgebit hebben kampen vaak met protheseproblemen. Door toenemend slinken van de kaken wordt het houvast van kunstgebit in de loop der jaren steeds minder. Doet de prothese pijn, komt het gebit los bij eten en lachen en is gebleken dat deze problemen met een goede prothese zonder implantaten niet zijn te verhelpen, dan zijn implantaten misschien een oplossing. Ook bestaat er groep mensen die een versterkte kokhalsneiging vertonen en geen grote verhemelteplaat kunnen verdragen.

 

Zijn implantaten altijd mogelijk of verstandig?

Of het plaatsen van implantaten mogelijk of verstandig is hangt af van een aantal factoren. Vaak zal de bovenkaak niet hoog genoeg zijn om implantaten te kunnen plaatsen. Dit kan in de meeste gevallen worden beoordeeld aan de hand van een of meerdere rontgenfoto s. Bij een matige gezondheid kan het onverstandig zijn om een chirurgische ingreep te ondergaan. Belangrijk is ook of de huidige prothese voor verbetering vatbaar is, zodat implantaten misschien helemaal niet nodig zijn.

 

Voorbehandeling

Om een tandwortelimplantaat te plaatsen heb je natuurlijk dus wel voldoende kaakbot nodig! Als blijkt dat de kaak te laag of te smal is om implantaten te kunnen plaatsen, dan kan een extra operatie nodig zijn om de kaak te verhogen of te verbreden. Hiervoor wordt bot dat afkomstig is van een andere plek naar de kaak verplaatst. Dat bot kan soms vanuit de mondholte geoogst worden, zoals van de zijkant van de onderkaak of uit de kinregio. Voor mogelijke nabezwaren van deze ingrepen kunt u de informatie over kleine chirurgische ingrepen in de mond bekijken. In overleg met u zal de behandeling onder lokale verdoving of in algehele anesthesie plaatsvinden.

Wanneer echter veel bot nodig is, dan wordt vaak gekozen voor bot uit de bekkenkam (de heup). U blijft voor deze laatste operatie enkele dagen opgenomen in het ziekenhuis. Na de operatie is een aantal dagen het gezicht gezwollen. Soms is er een bloeduitstorting. Het lopen en het belasten van de heup waaruit het bot is weggehaald, kost de eerste dagen moeite en is pijnlijk. Na enkele weken verdwijnen deze klachten weer. Het kan voorkomen dat in het gebied waar het bot vandaan gehaald wordt een veranderd gevoel optreedt. Doorgaans komt het normale gevoel vanzelf weer terug, maar in uitzonderingsgevallen is dat blijvend. Dat geldt ook voor het gevoel in de bovenlip.

Het bottransplantaat heeft tijd nodig om goed met uw kaak te vergroeien. Daarom wordt na de operatie 2 tot 4 maanden gewacht met het plaatsen van de implantaten. Uw gebitsprothese past na de operatie niet meer en moet worden aangepast. Soms wordt een noodprothese gemaakt.

 

Hoe gaat het plaatsen van implantaten in zijn werk?

De implantaten worden onder plaatselijke verdoving aangebracht. Meestal worden 6, soms 4 implantaten geplaatst. In geval van een twee-fase implantaat wordt het slijmvlies over de wond dichtgehecht. De implantaten zijn dan dus nog niet te zien. Bij toepassing van een een-fase implantaat steekt het implantaat al direct na de behandeling door het slijmvies in de mond. De behandeling zelf is misschien oncomfortabel, maar niet pijnlijk. De nabezwaren zijn meestal beperkt en duren enkele dagen, maximaal een week. Ze kunnen bestaan uit een pijnlijk wondgebied in de mond, enige zwelling met eventueel een bloeduitstorting. Soms verandert het gevoel in de bovenlip. Meestal is dit van tijdelijke aard, maar in uitzonderlijke gevallen is het blijvend. U kunt na de ingreep de voorgeschreven pijnstillers gebruiken.

 

Wanneer wordt de nieuwe gebitsprothese gemaakt?

Na het plaatsen van de implantaten kan de bovenprothese een aantal dagen niet gedragen worden. Hierna wordt het kunstgebit tijdelijk aangepast. De bovenprothese kan dan beperkt gebruikt worden. U dient hem in ieder geval s nachts uit te laten!! Voordat met het maken van de nieuwe prothese begonnen wordt, dienen de implantaten voldoende te zijn vastgegroeid. Afhankelijk van de kwaliteit van het bot wordt hiervoor een periode aangehouden van enkele tot soms wel 6 maanden. In het geval van een twee-fasen implantaat volgt een tweede, kleinere ingreep in plaatselijke verdoving. Hierbij worden, nadat een kleine snee in het tandvlees is gemaakt, opzetstukjes aangebracht op de implantaten. Deze opzetstukjes zijn nu te zien in de mond.

 

Prognose en nazorg

De levensduur van implantaten is o.a. afhankelijk van de hoeveelheid en het soort kaakbot, de grootte van de kauwkrachten, de mondhygiene en regelmatige controle. Bovendien blijkt dat roken niet alleen slecht is voor uw gezondheid, maar ook voor de levensduur van implantaten. Het gebit en de implantaten moeten regelmatig worden gecontroleerd. Soms zullen reparaties van de prothese nodig blijken. Ongeveer 2 keer per jaar is controle van de gebitsprothese en implantaten nodig. Regelmatig wordt dan ook een rontgenfoto gemaakt.

 

Terug

 

 

Implantaten bij protheseproblemen in de bovenkaak